Beste relatie,

Hierbij treft u het NFI Jaarbericht 2016. Voor het Nederlands Forensisch Instituut (NFI) was 2016 een bewogen jaar.

Als NFI hebben we belangrijke bijdragen kunnen leveren aan het oplossen van recente misdrijven en oude zaken waarvan het lang leek dat die niet opgelost zouden kunnen worden. Samen met onze partners in de strafrechtketen hebben we waardevolle innovaties kunnen realiseren zoals de opzet van de glasdatabank en de introductie van NFiDENT. En festivalgangers van Lowlands hebben ons geholpen met het verzamelen van data voor ons forensisch wetenschappelijke onderzoek (het zogenoemde citizens science).

Algemeen directeur dr.ir. R. (Reinout) D. Woittiez

Maar het is ook een jaar geweest waarin we te maken hadden met de reorganisatie, de start van een onderzoek naar de management- en organisatiecultuur en oplopende levertijden. Deze problematiek leidde er in 2016 toe dat we als NFI nog niet altijd die betrouwbare partner voor de strafrechtketen zijn geweest die we willen zijn.

Met de directeur-generaal Rechtspleging en Rechtspraak (mr. J.G. (Anita) Vegter) hebben we duidelijke, realistische afspraken gemaakt over onze prestaties voor 2017. Op basis van de productie in voorgaande jaren zijn de instroomcapaciteit en de levertijden voor 2017 uitgewerkt. Door afspraken te maken vanuit een meer realistische grondslag kunnen we die betrouwbare partner wel worden.

Realistische afspraken voor 2017

Voor het jaar 2017 hebben we samen met het departement vier beleidsprioriteiten voor het NFI vastgesteld, te weten:

  • de uitvoering op orde brengen (absolute topprioriteit);

  • verdere digitaliseringsstappen maken met keten;

  • verder vormgeven van de regie in de keten en onze passende rol daarbinnen;

  • en het afronden van de transitie naar NFI2018.

Levertijden onder druk

Het NFI leverde in 2016 met 555 medewerkers, waarvan 53 met een tijdelijke aanstelling (peildatum 31 december 2016), ruim 63.000 producten en diensten (waarvan ruim 50.000 op het gebied van DNA). De gemiddelde leeftijd van onze werknemers is 44 jaar en 48 procent van onze medewerkers is vrouw.

Zoals eerder aangegeven was het een jaar waarin we op onderdelen te maken kregen met oplopende levertijden waardoor we er niet over de hele linie in zijn geslaagd om de afgesproken levertijden te halen (75% binnen de norm in plaats van de gewenste 95%). Daarnaast is er sprake van een groeiende trend dat onderzoeken door hun groeiende complexiteit meer tijd vragen dan dat we vooraf hebben kunnen inschatten.

Samen vormgeven

De vraag naar forensisch onderzoek zal altijd groter zijn dan wat we als NFI aankunnen. Dat is een gegeven. Daarom zullen we samen met politie en Openbaar Ministerie (OM) moeten kijken naar de organisatie en prioritering van de onderzoeken. We willen als NFI onze gewenste rol in de keten op een krachtige en betekenisvolle manier invulling geven en bijdragen aan de opgaves van de strafrechtketen voor een veilige en rechtvaardige Nederlandse samenleving. Dat geven we samen vorm.

De One Stop Shop  (OSS) is  hier een mooi voorbeeld van. In 2016 hebben we dit voorbereid en vanaf 1 januari 2017 is het Winsemius-budget overgedragen van de Landelijke Toetsingscommissie (LTC) naar de OSS. Dit budget is bedoeld om onderzoeken te financieren waarvan politie en OM hebben besloten dat zij die via de OSS door andere laboratoria willen laten uitvoeren.

Aan deze ontwikkelingen zal ik als algemeen directeur van het NFI minder een bijdrage kunnen leveren dan dat ik op voorhand voor ogen had. Ik heb de medewerkers van het NFI in maart 2017 geïnformeerd over mijn keuze om terug te treden als algemeen directeur, om op die manier de organisatie maximaal de ruimte te geven om de benodigde vervolgstappen te zetten richting de toekomst.

Met vriendelijke groeten,

dr. ir. R.D. Woittiez

Algemeen directeur