Tekst Ruben Murk en Menno Groenewegen

De politie vindt bij verschillende overvallen het DNA-profiel van dezelfde persoon, maar tot een aanhouding van een verdachte komt het niet. De verdenking is daarvoor onvoldoende. DNA-verwantschapsonderzoek door het NFI brengt daar jaren na de eerste overval verandering in. De rechtbank in Rotterdam veroordeelt in februari 2016 een man tot 13 jaar celstraf.
 

Het is een zwaarbewolkte dag, zaterdag 27 augustus 2011, als aan het begin van de middag aan de Avenue Concordia in Rotterdam een postkantoor op brute wijze wordt overvallen. Twee mannen dringen via het dak het pand binnen. Ze houden twee medewerkers en een klant vast en bedreigen hen met een mes en een vuurwapen. Uiteindelijk gaan ze er vandoor met een geldbedrag uit de kluis. De medewerkers worden vastgebonden en achtergelaten.

DNA-cluster

Een man wordt aangehouden en is inmiddels veroordeeld. Maar de politie vindt in het postkantoor een DNA-spoor van een onbekende andere verdachte. Dat spoor blijkt te matchen met een zogenoemd DNA-cluster. Dat is een serie van minimaal vijf overvallen die allemaal op soortgelijke wijze zijn gepleegd. De DNA-sporen uit dit cluster zijn onder meer gevonden in een onderzoek naar een overval op een postkantoor in Rotterdam (2005) en een overval op een grenswisselkantoor in Den Haag in 2007.

DNA-onderzoek bij het NFI.

Eind 2011 heeft de politie al een vermoeden wie de dader is, maar de verdenking is niet sterk genoeg om de man direct aan te houden. In de DNA-databank voor strafzaken is geen DNA-profiel van de man aanwezig.

Eind 2011 heeft de politie al een vermoeden wie de dader is, maar de verdenking is niet sterk genoeg om de man direct aan te houden.

Verwantschapsonderzoek

In april 2012 verandert de wetgeving en dat biedt nieuwe mogelijkheden, want dan wordt het mogelijk om DNA-verwantschapsonderzoek uit te voeren. Het NFI vergelijkt het DNA-cluster met het DNA-profiel van een vermoedelijk familielid van de verdachte dat wel in de DNA-databank voor strafzaken is opgenomen.

Daaruit blijkt dat er wel een familierelatie moet bestaan. Officieel klinkt dat zo: “In deze zaak bleek dat de resultaten van DNA-onderzoek veel waarschijnlijker waren als sprake was van een verwantschap tussen de persoon in de databank en de donor van het DNA-spoor dat na de overval door de politie was veiliggesteld, dan als er geen sprake was van verwantschap.”
 

Aanhouding

De politie kan de verdachte nu wel aanhouden, maar de man blijkt kort na de laatste overval te zijn gevlucht naar de Dominicaanse Republiek. Daarmee heeft Nederland geen uitleveringsverdrag. Uiteindelijk keert de verdachte terug naar Europa en kan hij worden aangehouden in België. Half mei 2015 levert dat land hem over aan Nederland.

Het NFI kan dan een klassieke DNA-vergelijking uitvoeren tussen afgenomen DNA van de verdachte en sporen die zijn aangetroffen op de locaties van de overvallen. Dat levert een directe match op.