Tekst Ruben Murk

Meer dan 60.000 keer kon de DNA-databank voor strafzaken een DNA-match doorgeven aan politie en Openbaar Ministerie. Dat leverde meerdere keren doorbraken op in moordzaken die heel Nederland in zijn greep hielden. Maar dankzij een internationale match bleek ook dat een te vondeling gelegde jongen in Roermond, een zus had in Duitsland. Ook zij was te vondeling gelegd. “Dat was voor mij de allermooiste match.”

Het gezicht van en de drijvende kracht achter de databank gaat met pensioen. Gedreven, vanzelfsprekend en geruststellend. Zo typeren zijn collega’s hem.

Kees van der Beek, beheerder van de DNA-databank voor Strafzaken, blikte dinsdag nog een keer terug op de geschiedenis van de DNA-databank en nam hij officieel afscheid. Het gezicht van en de drijvende kracht achter de databank gaat met pensioen. Gedreven, vanzelfsprekend en geruststellend. Zo typeren zijn collega’s hem. Maar ook Openbaar Ministerie en politie lieten tijdens zijn afscheid weten hoe zeer ze hem hiervoor waarderen en zijn inbreng zullen missen.

DNA-wikipedia

Dat hij bovendien een Wikipedia is op het gebied van DNA, bleek dinsdag ook. Zo had hij voor zijn toehoorders tal van cijfers paraat. De databank groeide van 21 DNA-profielen van sporen en 28 DNA-profielen van personen in 1997 tot ruim 70.000 sporen en 250.000 personen eind 2016. “Dat leverde 60.189 matches op. Dat zijn er gemiddeld meer dan honderd per week.”

Van der Beek: “De DNA-databank is een uiterst effectief en efficiënt opsporingsmiddel. 57 procent van alle opgenomen sporen geeft uiteindelijk een match met een persoon. Dertig procent daarvan geeft direct een hit.” En dat het afnemen van wangslijm bij veroordeelden effectief is, deed Van der Beek ook uit de doeken. “Bij 6 procent van hen vindt direct een match plaats in de DNA-databank voor strafzaken.”

Eerste match in moordzaak

Van der Beek begint in 1999 bij het Gerechtelijk Laboratorium, de voorloper van het NFI. “Via een uitzendbureau ging hij met twee projecten aan de slag. We hadden wel het gevoel dat hij een aantal maanden zou blijven”, zegt DNA-deskundige Ate Kloosterman over die beginperiode.

In dat zelfde jaar vindt voor het eerst een match in een moordzaak plaats in de DNA-databank voor strafzaken. Dat was de zaak die draaide om de moord op de 13-jarige Sybine Jansons. Zij verdween in 1999 toen ze van het Revius Lyceum in Door naar huis fietste. Ze werd later dood teruggevonden en buschauffeur Martin C. bleek de schuldige. In de jaren die volgen, bewijst de DNA-databank vaker nut in (internationale) moordzaken die muurvast zaten.

"De volgende ochtend was er wel een match in Duitsland. Dat bleek niet te gaan om de moeder, maar om het zusje, dat in Duitsland te vondeling was gelegd.”

Vondelingen

Toch blijft Van der Beek vooral de zaak uit 2013 bij, van een jongetje dat te vondeling was gelegd in Limburg. “Van de doek waarin hij was gewikkeld, was een DNA-spoor van de moeder vastgesteld. In de DNA-databank leverde dat geen match op. Maar de volgende ochtend was er wel een match in Duitsland. Dat bleek niet te gaan om de moeder, maar om het zusje, dat in Duitsland te vondeling was gelegd”, memoreert Van der Beek.

“De zaak kreeg veel aandacht en later meldde zich een vrouw, die de moeder bleek te zijn. Voor mij was dat de mooiste match die ik ooit gemaakt heb.”